Terug gebieden

Uiterwaardengebied ten Westen van Nijmegen

Daar uitgebreide gebiedsbeschrijvingen niet gemakkelijk te vinden zijn volgt hieronder een kort overzicht. Uitbreiding hiervan volgt.


Weurtse Plaat

Staartjeswaard

Moespotse Waard

Ewijkse Plaat

Afferdense en Deestse Waarden



De Weurtse Plaat

Op deze oeverwal heeft zich de laatste zeven jaar spectaculaire stroomdalflora ontwikkeld. Brede Ereprijs, Echte kruisdistel, Veldsalie, Sikkelklaver en Knolribzaad vestigden zich op de zandafzettingen van de rivier. In 1998 kropen er na 100 jaar zelfs weer de libellensoort de Rivierrombout uit de Waal! De talrijke Ooievaarsbekken zijn de belangrijkste waardplanten voor het Bruin Blauwtje, een vlinder die hier in flinke aantallen voorkomt. Op het grote grindgat van Weurt slapen ‘s winters duizenden ganzen en eenden. Rijkswaterstaat is van plan om een deel van de plas in te richten als overnachtinghaven voor vrachtboten.
(bron: www.ark.eu)


Grote Grindgat - foto: Ria Vogels Torenvalk Weurtse Plaat - foto: Ria Vogels

Havenzicht Weurt - foto: Ria Vogels Weurtse Plaat - foto: Ria Vogels

De Staartjeswaard

Tot ongeveer halverwege de jaren vijftig werd op deze plaats klei gewonnen. De kale kleiputten werden aan hun lot overgelaten en er ontwikkelde zich een prachtig wilgenbos waarin nu ook Gewone es en Wegedoorn groeien. Het ooibos in de Staartjeswaard is één van het oudste in het rivierengebied. De oudste wilgen zijn er zo’n vijftig jaar. Het zijn dan ook flinke bomen, waarvan één zelfs een omtrek van vijf meter meet. Het bos ligt erg laag zodat het regelmatig overstroomt. Vooral de broedvogelbevolking maakt het bos bijzonder. Er broeden drie soorten spechten, waaronder de Groene Specht. Wielewaal, Boomvalk, Sperwer en Ransuil zijn andere opmerkelijke vogels.(bron: www.ark.eu)

De Moespotse Waard

De Moespotse waard was ooit een zandwinplas. Door de opvulling ervan ontstond weer een relatief hooggelegen gebied waar de natuur vrij spel kreeg. Er ontkiemden wilgen, maar al snel vond ook de meidoorn haar weg. De wilgen staan eigenlijk op te droge ondergrond. Ze groeien daarom maar langzaam en laten veel ruimte voor andere bomen en struiken. Meidoorn, hondsroos en wegedoorn vormen samen ondoordringbare struwelen. De Vlaamse gaai vindt in dit mozaïeklandschap prima plekjes om zijn voorraad eikels te verstoppen. De jonge eikjes die hier her en der staan zijn ontsproten uit vergeten voorraden. Omringd door dorenstruweel is het langzaam groeiende eikje beschermd tegen hongerige koeien of paarden.(bron: www.ark.eu)

De Ewijkse Plaat

Na de zandafgraving in 1989 heeft de natuur hier vrij spel gekregen. De kale bodem raakte al snel begroeid met honderden verschillende pionier planten waar onder het opvallende Bilzekruid. Op de slikkige delen kiemden ontelbare wilgen en ook enkele zwarte populieren. Het hier uit ontstane ooibos is dan ook nog relatief jong maar met een groeisnelheid die soms wel 2 meter per jaar bedraagt kun je nu al van een volwassen bos spreken. Op de kleiige oever van de strang staan vooral wilgen; op de zandige oeverwal van de Waal in een open structuur zwarte populieren en bittere wilg. Bij hoog water heeft de rivier het voormalig eiland weer helemaal in haar grip, sinds de zandafgraving is al weer meer dan 40.000 m3 zand op de plaat gesedimenteerd. Om een goede doorstroming te waarborgen, denkt RWS er over om de plaat weer af te graven. Het hele dynamische proces van zandtransport en ooibosontwikkeling kan dan gewoon weer opnieuw beginnen.(bron: www.ark.eu)

Afferdense en Deestse Waarden

Paarden in uiterwaard- foto: Ria Vogels De Afferdense en Deestse Waarden is een drie vierkante kilometer groot uiterwaardengebied langs de Waal. Vanaf 2009 wordt dit gebied opnieuw ingericht, zodat de bewoners achter de dijken beschermd blijven tegen overstromingen. Verder is er in de herinrichting rekening gehouden met natuurontwikkeling en komen er meer recreatiemogelijkheden. De rivier krijgt meer ruimte, zodat er meer water in kan en de kans op binnendijkse overstromingen kleiner wordt Naast het eerste doel veiligheid, is het tweede doel van het project natuurontwikkeling in combinatie met recreatie. Het afgraven van de uiterwaarden geeft natuur een kans. Er komen ‘natte’ en ‘droge’ stukken in de uiterwaarden. Door deze afwisseling wordt het gebied gevarieerder en aantrekkelijker voor verschillende soorten planten en dieren. Ooibos, poelen, grasland en ruigere gebieden wisselen elkaar af. Er komen runderen en paarden te grazen, zodat het gebied niet dichtgroeit met bomen en struiken. Dat de uiterwaarden in de nieuwe situatie meer water kunnen bevatten, wil dus niet zeggen dat ze ook steeds onder water komen te staan. Wel zal een groter deel van het gebied vaker onderlopen.Na de herinrichting van de Afferdense en Deestse Waarden kunnen wandelaars in het hele gebied van de natuur genietenDoor de gevarieerde natuur worden de Afferdense en Deestse Waarden aantrekkelijker voor recreanten. Het gebied is nu maar deels toegankelijk. Na de herinrichting kunnen wandelaars en natuurliefhebbers overal van de natuur genieten. Er komen drukkere en rustigere deelgebieden. Via de brug over de nevengeul bij Deest en de voetgangersbrug tussen Afferden en Druten wordt het gebied bereikbaar voor beheer en recreatie. De uitvoering van de herinrichting duurt tot ongeveer 2012/2013 met mogelijke uitloop tot 2015. Deze uitloop is afhankelijk van de vraag van de markt naar zand.
(bron: www.rijkswaterstaat.nl)